zondag 21 september 2014

Open dag

De informatie die je tijdens een open dag krijgt is eigenlijk altijd het intrappen van open deuren. Vanmiddag was dat niet anders. Kritische vragen werden, op verzoek van de organisatie, niet of nauwelijks gesteld. Mijn eigen vragen hield ik, omwille van de tijd, kort.

Ik doel dan op het forum. Een onderdeel van de open dag dat altijd wel redelijk de belangstelling trekt. Al is dat in het verleden wél in grotere omvang geweest. Of er dan geen reden is om (kritische) vragen te stellen? Jawel ... maar vermoedelijk heeft men niet langer het gevoel dat het zin heeft om de dialoog aan te gaan. En, dat (het terug krijgen van vertrouwen) is iets wat tijdig nodig heeft. Van belang (en dat sprak aanvoerder Ross Bekkering mooi uit) is wel dat iedereen, ondanks verschil van mening en begrijpelijke teleurstelling over de gang van zaken van de afgelopen twee seizoenen, blijft hopen op herstel. Wie die hoop niet wil hebben, die wordt verzocht om te zwijgen.

Negativiteit belemmerd herstel en het gaat al niet zo makkelijk.

Ook sportief gezien heeft de club het zwaar! Vanmiddag hadden we het moeilijk met Rotterdam basketball college. De marge was uiteindelijk 13 punten. Van de 82 punten die de ploeg noteerde werden er 30 gemaakt door DeJuan Wright. Het geeft een dubbel gevoel: mooi dat hij aanvallend zo uit de verf kwam, jammer dat de ploeg voor scores zwaar op hem leunde. Én, dat zal in de loop van dit seizoen denk ik vaak het geval zijn. Tenzij de gehoopte versterkingen komen.

Het halen van spelers die goed zijn in het spelen van aanvallend basketball is dat zij niet zelden zwak zijn in verdedigen. En, ik ben iemand die graag ziet dat de focus wordt gelegd op het spelen vanuit een sterke verdediging. "Offense sells tickets, defence wins games (championships)!".

Nik Cochran kwam vanmiddag nog niet in actie. Of hij volgende week al weer hersteld is?

Het beperkte aantal spelers van de under 24 ploeg (punt van kritiek die werd genoemd tijdens het forum), en de noodgreep om spelers (jonger dan 17 jaar!) vanuit de under 18 ploeg van het RTC Noord te laten doorstromen naar de under 24 is in mijn ogen een gevolg van de keuze die de club heeft gemaakt.

Althans, dat gevoel heb ik. Namelijk dat men Maarten Bouwknecht en Bas Veenstra niet de 11e en 12e speler van de selectie wilde laten zijn, maar wél zo'n 10 minuten per wedstrijd speeltijd "geven". Zij zijn nu de 8e en 9e speler in de hiërarchie. De nummers 10 t/m 12 zijn Van der Reijden, Peutz en Löwik.

Ik had, en dat is inmiddels wel bekend, graag gezien dat men voor enkele andere spelers had gekozen zodat men nu al over meer spelers zou beschikken voor de positie van small-forward en power-forward. We hebben 1 small-forward: Bas Veenstra, die nu wordt ingezet als power-forward. We hebben 2 à 3 power-forwards: Ross Bekkering, Craig Osaikhwuwuomwan en Bas Veenstra. Craig O. is geblesseerd. Bekkering wordt, omdat we ook slechts 1 à 2 center(s) hebben (Thomas Koenis en Ross Bekkering), dikwijls op de center-positie neergezet. We missen een speler als Roeland Schaftenaar (power-forward/center). En we missen een speler als Jason Dourisseau of Quentin Pryor.

Terugkomend op het forum: een van mijn twee vragen was gericht aan Ross Bekkering. De aanvoerder van deze ploeg speelde vorig seizoen als startende center (met Thomas Koenis als diens back-up) en is nu de startende power-forward (met Craig O als zijn back-up). In mijn ogen past de rol van power-forward beter bij Bekkering. Maar, hoe denkt Ross daar zelf over?

Nou, hij liet weten als college-speler power-forward te zijn geweest (dat meende ik me al te herinneren). Hij wordt in deze Donar-ploeg ingezet als power-forward en center aangezien ze roteren met 3 inside-spelers (Bekkering, Koenis en Veenstra). Wanneer Osaikhwuwuomwan weer fit is zal de driemans rotatie bestaan uit Bekkering, Koenis en Osaikhwuwuomwan. Ross kan op beide posities uit de voeten en doet wat in belang is van de ploeg. Een voorbeeldige aanvoerder. Een speler die het credo 'leading by example' begrijpt én uitvoert.

En iets in relatie met de leuke quiz (gehouden dankzij de supportersvereniging!): de vader van Mark Ridderhof speelde vroeger voor Donar. Ik neem aan dat Mark dus iets weet van de clubcultuur (los van het spelen in Groningen in al die jaren dat hij voor de tegenpartij speelde). Dat is een niet te onderschatten factor. Speltechnische en -tactische kwaliteiten zijn belangrijk maar het is ook fijn als een werknemer (en dat is een professioneel basketbalspeler) ook binnen je organisatie past. Donar is een club waarvan de fans veel waarde hechten aan werklust, aan "knokken". Soepele, atletische acties worden ook gewaardeerd maar waar men een hekel aan heeft is aan spelers die (te) weinig inzet tonen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen